Padoefke (2/2)

De kerstman en zijn helpers zijn in de Beeldjesstraat 16.

Kerstman komt terug thuis

Na een zware bewogen nacht sleurt Knapperdje zich uit de
Arreslee. Met zijn handje op zijn achterste stapt hij, lichtjes op de teentjes
getrapt, naar zijn huisje. De Kerstman, Padoefke en de Trek-rendieren kijken
hem grinnikend na.

‘Tot volgend jaar, Knapperdje!’, wuift de Kerstman gezwind. Tussen het belgeschel horen ze hoe Knapperdje zijn deurtje dicht smakt.

De Trek- en Hulprendieren liggen uitgeteld te slapen in de stallen. Padoefke schenkt twee kommen warme chocolademelk in met een mop slagroom erop, nog wat hagelslag, een portie advocaat, een frangipanneke en smeert bokes met choco.

De voorbije kerstnacht: de kerstman en zijn helpers zijn in de Beeldjesstraat 16.

Diep in gedachten verzonken denken ze terug aan de voorbije Kerstnacht.

De Arreslee stopte aan de Beeldjesstraat 16 en de Kerstman sprong gezwind
uit zijn voertuig. Hij strekte zijn armen, benen en geeuwde. Het Technische
Hulprendier trok de geluidloze telescopische ladder uit. Padoef leidde de
operatie.

Gepakt en gezakt klom de Kerstman kreunend en zuchtend naar de nok
van het dak, installeerde de volautomatische sensorische katrol en het touw op
de schoorsteen en ritste naar beneden.

Redelijk verward keek hij rond. Geen hond meer te bespeuren. In de donkerste hoek van de living prijkte nu wel een aquarium. De Kerstman besloot een babbeltje te slaan met de waterbewoners.

‘Mijn lieve kleine vriendjes’, piepte de Kerstman. De wezentjes schoten wakker,
verlieten hun slaapplaatsjes en kwamen nieuwsgierig aan hun raam kijken.
Twintig lieve oogjes keken hem aan en bubbelden met hun mondjes.

‘Kijk, een mens, een mens.

Gruwel op kerstnacht

’Plots keek de Baasvis verschrikt en begon hij met zijn vin te stuiptrekken. Volledig van hun melk schoten de diertjes weg. De Kerstman zag in het glas een schaduw die hem langs achter besloop. Hij betastte zijn muts waarin zijn mini-hulproep-microotje verstopt zat ‘Potvolkoffie! Potvolkoffie!’, murmelde de Kerstman ‘het moet hier toch ergens zitten?’ en bleef met zijn vingers tasten.

De schaduw naderde gestaag en werd groter en breder. De Kerstman rukte nerveus zijn hoofddeksel af, draaide en keerde het alsof zijn leven ervan af hing.

‘Padoef! Padoef!, fluisterde hij in zijn microotje.

Buiten was het stil. De Trek-rendieren stonden trouw op post bij de Arreslee. Vanaf de achterbank hoorden ze geruis en een stem. ‘Is dat nou de Kerstman?’, zei een Trek-rendier.

De schaduw naderde; de situatie werd bedreigend. Kerstmans
hart bonsde in zijn keel.

‘Knapperdje! Padoef!’, probeerde de Kerstman nog eens met hese stem ‘Kom hier, gevaar!’. De adem van de schaduw blies al in zijn haren. De Kerstman stond verstijfd van schrik aan de grond genageld en durfde nauwelijks achterom te kijken. Hij wachtte vruchteloos op een antwoord.

Uit zijn ooghoeken zag de Kerstman twee grote schaduwvleugels. Zijn benen trilden; lokken grijze haren woeien in zijn gezicht.

De waterbewonertjes hadden zich verstopt. Met bevende handen en stokkerige stem piepte de Kerstman door zijn microotje:

‘Padoefje?Knapperdje?’

De oogbollen van de Kerstman keken voorzichtig rond.

‘Heb ik nu gedroomd?’, vroeg hij vertwijfeld tot zichzelf en wreef met zijn handpalm het angstzweet van zijn voorhoofd.

Kust weer veilig?

Nu de kust weer veilig was, draaide hij een voet naar links,
de rechtervoet volgde. Twee handen grepen Kerstmans’ schouders. De oude man
slaakte een gil! De handen grepen zijn wangen en draaiden zijn hoofd naar
links. In een mum van tijd smakten twee lippen op zijn dikke neus. De handen en
lippen lieten los, er volgde een smak op de grond.

De Kerstman voelde het bloed uit zijn hoofd trekken.

‘Auw! Auw!’, klonk een stem.

Vanuit de open haard klonken hoeven. De Kerstman voelde zijn bloeddruk stijgen.

‘Padoef! Knapperdje!’.

Knapperdje krabbelde recht en rende zo hard hij kon naar de schoorsteen op de hielen gezeten door de Kerstman. Padoef hing in de pijp en reikte een poot naar Knapperdje. De Kerstman volgde het duo zo snel hij kon en scheurde op het laatste nippertje een stukje van Knapperdjes broek.

‘Wie laatst lacht, …’,

Mady Maeriën

17/12/2014

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *